Regels voor buitenritten
Het rijden van een buitenrit met de manege
Twee keer per jaar maken we vanuit de manege een buitenrit naar het Kuinrebos. Hier ligt 35 kilometer aan ruiterpad op ons te wachten. Houd hiervoor de evenementenkalender in de gaten. In overleg met je instructrice kun je deelnemen aan deze ritten.
Tijdens het maken van een buitenrit gelden de volgende regels:
- De huis- en rijbaanregels gelden, voor zover van toepassing, ook voor de buitenritten.
- Alle ruiters die naar buiten gaan met een groep, moeten zelfstandig kunnen galopperen.
Het dragen van een goedgekeurde veiligheidscap is verplicht. Daarnaast moet je goed schoeisel dragen. Zie hiervoor ook de rijbaanregels. - De groep wordt geleid door een gekwalificeerde instructeur. Deze instructeur vertelt voor het begin van de rit welke specifieke regels er gelden.
- De instructeur heeft een mobiele telefoon op zak, met voorgeprogrammeerd het alarmnummer, het nummer van de manege en van de dierenarts. Ook heeft de instructeur een scherp mes op zak.
- De groep mag niet groter zijn dan tien ruiters.
- Bij buitenritten met minder ervaren ruiters gaat een ervaren ruiter mee, ter ondersteuning van de instructeur.
- Een begeleidende fietser rijdt niet vlak naast of achter een paard.
- De ruiter rijdt met de stijgbeugels een gaatje korter dan normaal. Hij blijft aangesloten (2 tot 3 meter) aan de voorganger en zorgt ervoor dat de neus van het paard recht achter de voorganger blijft. Hierdoor kan het paard zijn voorganger niet passeren. Komt een paard toch buiten de linie, stuur hem dan met zijn hoofd naar het lichaam van een ander paard toe.
- Elke ruiter geeft de gegeven commando’s door naar achteren of naar voren. Verschillende commando’s zijn:
-Overgang naar stap.' (draf of galop) - Na het geven van dit commando, wordt de overgang gemaakt. Ben je nog niet zover, geef dit dan aan.
-Stop!' - Bij dit commando gaat de hele groep direct terug naar de stap. Dit commando wordt geroepen als er moeilijkheden zijn of dreigen. - Er wordt 'met enen' (allemaal tegelijk) overgestoken. Dit wordt ook geoefend tijdens de buitenritten. Ook het tegengestelde, het bij de groep kunnen wegrijden, wordt geoefend.
- Individuele ruiters mogen op een manegepaard alleen naar buiten als zij uitdrukkelijk toestemming hebben van de bedrijfsleidster. Dit is een uitzondering.
- Laat paarden niet eten van bomen of struiken. Je weet niet of ze giftig zijn.
- Passeer wandelaars en fietsers altijd stapvoets. Je moet ervan uitgaan dat zij geen verstand hebben van paarden. Een paard dat op je af galoppeert, kan dan erg beangstigend zijn.
- Passeer ook andere paarden stapvoets; een schrikreactie zit in een klein hoekje.
Route door het Emmelerbos
Veel ruiterpaden zijn er niet in het Emmelerbos. Houd je aan de ruiterpaden. Op deze manier is de kans het grootst dat deze paden blijven bestaan.
Vanuit de manege kun je langs de dressuurbaan en het weiland op het ruiterpad van het bos komen. Deze kun je in zijn geheel volgen. Je komt dan uiteindelijk weer op het startpunt bij het weiland uit.
Vanuit de manege kun je ook rechtsaf naar de rotonde toe. Vandaar kun je linksaf het Eikenlaantje op. Het Eikenlaantje is geliefd, omdat je er ongestoord kunt galopperen.
Het is niet toegestaan om de andere paden van het bos te gebruiken. De paardenhoeven vertrappen de paden en de meeste wandelaars vinden mest op het pad niet echt fijn.
Veel plezier met buitenrijden!



