Het paard als vluchtdier
Een paard is een graseter. In het wild worden ze gegeten door vleesetende dieren. Paarden zijn niet ingesteld op vechten. Ze kunnen wel snel wegrennen. De beste manier waarop een paard zichzelf kan redden, is dan ook door heel snel weg te rennen bij gevaar.
Hoewel ons tamme paard dit gevaar niet meer kent, heeft hij nog wel het instinct om te vluchten bij angst. Als het paard iets hoort, ruikt of ziet wat beangstigend is, zal hij meteen wegrennen. Pas later zal hij kijken wat er aan de hand was. Het paard zal proberen te rennen naar een geruststellende plaats, bijvoorbeeld naar de stal of naar andere paarden.
Als je met paarden omgaat, moet je altijd rekening houden met het vluchtgedrag van het paard. Hoe rustiger we zelf zijn, hoe minder spanning we bij het paard veroorzaken. Ook moeten we hem zo veel mogelijk laten wennen aan spannende gebeurtenissen.


